Sitemap | ne | frans | engels
Een Vraag? Bel Ons: 0032 57 40 91 20

Innovator

Teeltadvies consumptie

gebruik: Verse consumptie en friet
Kooktype:Redelijk vastkokend tot melig
Contractprijs: contacteer ons

Highslide JS
Highslide JS
 
 
Eigenschappen
 
  Rijptijd
Middenvroeg
  Schilkleur
rood
  Vleeskleur
lichtgeel
tot
witgeel
  Knolvorm
langovaal
  Ogen
vlakogig
  Groot knol
groot
  Opbrengst
Matig
  Drogestof gehalte
goed tot matig

 
Plantafstand
 
Maat
Rijafstand
75cm
Planten/hectare
       (x1000)
28/35
23-25 cm
.....
35/50
29-31 cm
....
   
 
Resistentie
 
  Bladrol
Matig R
  A-virus
matig R
  X-virus
matig R
  Y-vrius
redelijk R
  Yntn-virus
redelijk R
  Phytophthora loof
goede Rr
  Phytophthora knol
redelijk R
  Schurft
matig R
  Stootblauw
redelijk R
   R= Resistent
      
 
Bewaring
 
Tijdens het rooien de schudders zo weinig mogelijk gebruiken en de valhoogtes tot een minimum bepreken. Dit geldt ook voor het inschuren. De knollen van een Innovator zijn grof en lang, waardoor de knollen gevoeliger zijn voor beschadigingen en blauw.

Geadviseerd wordt om bij de Innovator geen kiemremmingsmiddelen aan de basis toe te dienen ter voorkoming van poederbrand. Geadviseerd wordt om de aardappelen zo snel mogelijk te drogen en na drie weken te starten met gassen.

Drogen:
Zodanig ventileren dat de partij snel droog is en droog blijft. Probeer de partij daarom tijdens het drogen op een redelijke temperatuur (14 - 18° C) te houden, desnoods met een kachel. Hiermee wordt voorkomen dat, door een te gering temperatuurverschil tussen buitenlucht en product, de vochtopnemende capaciteit van de ventilatielucht verdwijnt. Een ander voordeel van het aanhouden van een wat hogere producttemperatuur tijdens het drogen is, dat het wondhelingsproces bij deze temperatuur door kan gaan.

Wanneer Innovator afgerijpt geoogst wordt, kan bij een bewaartemperatuur van 7,5°C een goede verwerkingskwaliteit worden gehandhaafd. Langdurige bewaring bij 7,5°C kan echter alleen worden gerealiseerd met ondersteunende mechanische koeling.

Omdat men nooit zeker is hoe het fysiologische stadium van de knollen is gesteld op het oogsttijdstip is het veiliger een glijdend bewaarregime van 14 -> 7,5 -> 14°C na te streven.
Een glijdend temperatuurregime kenmerkt zich door na de wondheelperiode, bij 14°C, geleidelijk af te koelen met ongeveer 1°C per week naar een niveau van 7,5°C.

De bewaartemperatuur wordt in de winterperiode zo constant mogelijk gehandhaafd. Om CO2-ophoping te voorkomen wordt geadviseerd iedere dag lucht te verversen. Dit kan bijvoorbeeld door 10 minuten per dag extern te ventileren rekening houdend met de buitentemperatuur.

In het voorjaar wordt weer begonnen met een geleidelijke temperatuurstijging met ca. 1°C per week naar maximaal 14°C.

Met deze bewaarfilosofie kunnen grote temperatuurschommelingen worden voorkomen, terwijl ook de ophoping van reducerende suikers wordt beperkt. De geleidelijke temperatuurstijging in het voorjaar kan worden beschouwd als een zeer geleidelijke vorm van reconditioneren waarmee de nog aanwezige koudeverzoeting van de winterperiode grotendeels kan worden weggewerkt.

   
 
Toelichting
 

BEMESTING

Stikstof : De stikstofbehoefte van Innovator is vergelijkbaar tot iets meer dan een Bintje. Er wordt geadviseerd 70% van de N tijdens het planten te geven, 15% tijdens de knolzetting en de resterende 15% 4 weken na de knolzetting.
Fosfaat: Volgens advies bodemonderzoek.
Kali: Kali bemesting kan een gangbaar niveau worden aangehouden. Met chloorhoudende Kali wordt geadviseerd voorzichtig om te gaan en niet toe te dienen in het voorjaar i.v.m. verlaging van het onderwatergewicht.
Magnesium Innovator is gevoelig voor Magnesium en Mangaan gebrek.

Gebruik van veel organische mest wordt afgeraden.

Innovator is gevoelig voor droogte. In geval van droogte en grote hitte is het aan te bevelen om het gewas te irrigeren.

GEWASBESCHERMING

Onkruidbestrijding: Innovator is extreem gevoelig voor Sencor.

Phythophthora bestrijding
Hoewel Innovator een redelijke resistentie heeft tegen Phytophthora in de knol en een goede resistentie in het loof is een regelmatige bespuiting noodzakelijk. Afhankelijk van de weersomstandigheden is het verstandig om ervoor zorg te dragen dat het loof een voldoende bescherming geniet. Het is hierbij beter om de dosering aan te passen dan een bespuiting over te slaan.

Luizenbestrijding
Een behoorlijke besmetting kan tot een opbrengstderving leiden. Het is daarom raadzaam uw gewas regelmatig te controleren en aan de hand hiervan een luizenbestrijding uit te voeren.

Loofdoding
Innovator is vroeg rijp, waardoor het loof eenvoudig is dood te spuiten. Laat dus na loofvernietiging het gewas voldoende afharden, in het algemeen betekent dit dat er drie weken gewacht moet worden. Innovator heeft een dunne huid.